Uitspraak
gevestigd te Drachten,
gevestigd te Amsterdam,
2.Uitgangspunten en feiten
- i) Sauna Peize exploiteert een saunabedrijf te Peize.
- ii) Sauna Peize heeft, met Rabobank als assurantietussenpersoon, in 2001 bij Interpolis een verzekering afgesloten tegen (onder andere) het risico van brandschade aan haar bedrijfsgebouwen en bedrijfsmiddelen, en tegen het risico van bedrijfsstagnatie bij brand. De verzekering is laatstelijk verlengd in oktober 2004. Zij bevatte voor het hierna onder (v) bedoelde bedrijfsgebouw een verzekerde som van € 3.500.000,-- en voor bedrijfsschade (over een periode van 104 weken) een verzekerde som van € 2.459.488,--. De verzekering ter zake van bedrijfsschade kende voorts een zogenoemde accresclausule van 30%, op grond waarvan het verzekerd belang tot maximaal 30% boven de verzekerde som vergoed wordt.
737.846
op basis van deze cijfersgeen sprake was van onderverzekering. Die conclusie is niet weersproken en neemt het hof over.
3.Beoordeling van het middel in het principale beroep
€ 3.025.902,-- voor een periode van 104 weken, zou de maximale dekking in verband met de accresclausule zijn gestegen naar € 3.933.672,60 (in plaats van € 3.197.334,40 zoals thans het geval was). Dat zou voldoende zijn geweest om het door de schade-experts berekende verzekerd belang van € 3.767.150,-- (voor 104 weken) te dekken, zodat Interpolis niet met succes een korting van 15% (ten bedrage van € 433.391,55) voor onderverzekering had kunnen toepassen.
4.Beoordeling van het middel in het incidentele beroep
5.Beslissing
6 september 2019.