ECLI:NL:HR:2018:784

Hoge Raad

Datum uitspraak
29 mei 2018
Publicatiedatum
29 mei 2018
Zaaknummer
17/03679
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 94 SvArt. 552a Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad vernietigt beschikking over beslag op geldbedragen en verwijst zaak terug

In deze zaak heeft het Openbaar Ministerie cassatie ingesteld tegen een beschikking van de rechtbank Amsterdam die het klaagschrift van een klager gegrond verklaarde. Het ging om beslag op twee geldbedragen die waren aangetroffen in de kofferbak van een auto van een werknemer van de klager. De rechtbank had geoordeeld dat het belang van de strafvordering zich niet verhinderde tegen teruggave van het geld, maar was daarbij vooruitgelopen op de uitkomst van de hoofdzaak.

De Hoge Raad heeft op basis van de conclusie van de Advocaat-Generaal geoordeeld dat de rechtbank de beschikking onvoldoende heeft gemotiveerd en onterecht vooruitliep op de mogelijke uitkomst van de hoofdzaak. De Hoge Raad vernietigt daarom de bestreden beschikking en verwijst de zaak terug naar de rechtbank Amsterdam voor een nieuwe behandeling op het bestaande klaagschrift.

De beslissing is genomen door de vice-president en twee raadsheren tijdens een openbare terechtzitting. De zaak betreft een procedure op grond van artikel 552a Sv en heeft betrekking op de vraag of het beslag op geldbedragen moet worden gehandhaafd of teruggegeven in afwachting van de hoofdzaak.

Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking en verwijst de zaak terug naar de rechtbank Amsterdam voor herbehandeling.

Uitspraak

29 mei 2018
Strafkamer
nr. S 17/03679 B
IV/EC
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de Rechtbank Amsterdam van 7 maart 2017, nummer RK 16/6064, op een klaagschrift als bedoeld in art. 552a Sv, ingediend door:
[klager], gevestigd te [vestigingsplaats].

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door het Openbaar Ministerie. Het heeft bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden beschikking en tot zodanige beslissing met betrekking tot terug- of verwijzing als de Hoge Raad gepast zal voorkomen.
De raadsman van de klager, R. Jonkers, advocaat te Amsterdam, heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

2.1.
Het middel komt op tegen de gegrondverklaring van het klaagschrift. Het klaagt onder meer dat de Rechtbank bij de beoordeling van de vraag of het belang van strafvordering zich verzet tegen teruggave van de inbeslaggenomen geldbedragen, is vooruitgelopen op de mogelijke uitkomst van een nog te voeren procedure in de hoofdzaak.
2.2.
Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 3.2 en 3.3 is het middel terecht voorgesteld.

3.Slotsom

Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden beschikking niet in stand kan blijven en als volgt moet worden beslist.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden beschikking;
wijst de zaak terug naar de Rechtbank Amsterdam, opdat de zaak op het bestaande klaagschrift opnieuw wordt behandeld en afgedaan.
Deze beschikking is gegeven door de vice-presiden W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en J.C.A.M. Claassens, in bijzijn van de waarnemend griffier A. El Mokhtari, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
29 mei 2018.