ECLI:NL:HR:2018:534

Hoge Raad

Datum uitspraak
6 april 2018
Publicatiedatum
5 april 2018
Zaaknummer
17/01542
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 1:431 BW
Verwijzingen
4 uitgaand · 3 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt oordeel hof over onderbewindstelling zonder beroep op brief

In deze zaak staat de vraag centraal of het gerechtshof in een onderbewindstellingsprocedure terecht acht heeft geslagen op een brief die niet expliciet in de gedingstukken werd genoemd. De zaak betreft een geschil tussen eisers en verweerders over onderbewindstelling, waarbij het hof een beschikking heeft gegeven die door eisers in cassatie is aangevochten.

De Hoge Raad verwijst naar eerdere beslissingen van de kantonrechter en het hof en behandelt het cassatieberoep dat is ingesteld tegen het hofbesluit. De moeder heeft een verweerschrift ingediend, terwijl andere verweerders niet zijn verschenen. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het cassatieberoep, waarop de advocaten van eisers hebben gereageerd.

De Hoge Raad oordeelt dat de aangevoerde klachten geen cassatiegrond opleveren en dat het hof terecht acht heeft geslagen op de brief, ook al is daarop niet met zoveel woorden beroep gedaan. Gezien artikel 81 lid 1 RO Pro is geen nadere motivering vereist omdat de klachten niet leiden tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt daarmee het oordeel van het hof. De beschikking is gegeven door de vice-president en raadsheren en in het openbaar uitgesproken door raadsheer T.H. Tanja-van den Broek.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt het oordeel van het hof.

Uitspraak

6 april 2018
Eerste Kamer
17/01542
TT/IF
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
1. [verzoeker 1] ,
wonende te [woonplaats] ,
2. [verzoeker 2] ,
wonende te [woonplaats] ,
VERZOEKERS tot cassatie,
advocaat: mr. K. Aantjes,
t e g e n
1. [de moeder] ,
wonende te [woonplaats] ,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. M.E. Bruning,
2. [verweerder 2] ,
wonende te [woonplaats] ,
3. [verweerster 3] ,
wonende te [woonplaats] ,
VERWEERDERS in cassatie,
niet verschenen.
Eisers zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoeker 1] en [verzoeker 2] , verweerders als de moeder, [verweerder 2] en [verweerster 3] .

1.Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikking in de zaak 4536828 BM VERZ 15-2665/4536955 BM VERZ 15-2667 MVH van de kantonrechter te Alkmaar van 19 januari 2016;
b. de beschikking in de zaak 200.189.671/01 van het gerechtshof Amsterdam van 3 januari 2017.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2.Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof hebben [verzoeker 1] en [verzoeker 2] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De moeder heeft een verweerschrift tot referte ingediend. [verweerder 2] en [verweerster 3] hebben geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.L.C.C. Lückers strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [verzoeker 1] en [verzoeker 2] heeft bij brief van 16 februari 2018 op die conclusie gereageerd.

3.Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president C.A. Streefkerk als voorzitter en de raadsheren A.H.T. Heisterkamp, G. Snijders, T.H. Tanja-van den Broek en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek op
6 april 2018.