Uitspraak
wonende te [woonplaats],
wonende te [woonplaats],
LOCATIE DEN HAAG,
gevestigd te Den Haag,
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
Dit verweerschrift voldoet niet aan de eisen van art. 426b lid 3 Rv, omdat het niet is ondertekend door een advocaat bij de Hoge Raad. De vader heeft geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om dit verzuim te herstellen. Derhalve heeft de Hoge Raad het verweerschrift terzijde gelegd.
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
30 maart 2018.