ECLI:NL:HR:2017:271

Hoge Raad

Datum uitspraak
17 februari 2017
Publicatiedatum
16 februari 2017
Zaaknummer
16/02323
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatieberoep inzake wijziging partneralimentatie bij verminderde draagkracht

In deze zaak stond de wijziging van partneralimentatie centraal, waarbij de vrouw cassatieberoep instelde tegen een beschikking van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. De wijziging betrof een vermindering van de draagkracht van de man en de vraag omtrent de terugbetalingsverplichting en verrekening met toekomstige partneralimentatie.

De Hoge Raad verwees naar eerdere uitspraken van de rechtbank Midden-Nederland en het gerechtshof, en nam kennis van het cassatierekest en de conclusie van de Advocaat-Generaal, die tot verwerping van het beroep strekte. De man heeft geen verweerschrift ingediend.

De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet nodig was, omdat de klachten geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling bevatten.

Daarop werd het cassatieberoep verworpen. De beschikking werd uitgesproken door de vice-president E.J. Numann namens de raadsheren, waaronder de voorzitter A.M.J. van Buchem-Spapens.

Uitkomst: Het cassatieberoep van de vrouw wordt verworpen en de beschikking van het hof blijft in stand.

Uitspraak

17 februari 2017
Eerste Kamer
16/02323
LZ/JS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[de vrouw],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. J. van Duijvendijk-Brand,
t e g e n
[de man],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de vrouw en de man.

1.Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikking in de zaak C/16/365542/FA RK 14-1913 en C/16/365544/FA RK 14-1915 van de rechtbank Midden-Nederland van 26 november 2014;
b. de beschikking in de zaak 200.165.480 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 2 februari 2016.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2.Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft de vrouw beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De man heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

3.Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, M.V. Polak en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president E.J. Numann op
17 februari 2017.