Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2017:1184

Hoge Raad

Datum uitspraak
30 juni 2017
Publicatiedatum
29 juni 2017
Zaaknummer
16/02758
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verdeling gemeenschappelijk spaarsaldo na opzegging samenlevingsovereenkomst

De zaak betreft een geschil tussen de man en de vrouw over de verdeling van een gemeenschappelijk spaarsaldo na opzegging van hun samenlevingsovereenkomst, die volgde op een eerdere echtscheiding.

De procedure begon bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant met meerdere vonnissen, waarna het gerechtshof 's-Hertogenbosch arresten uitbracht. De man stelde beroep in cassatie in tegen het eindarrest van het hof, terwijl de vrouw geen conclusie van antwoord nam. De Advocaat-Generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen.

De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren. De Hoge Raad verwierp het beroep en bepaalde dat iedere partij haar eigen kosten draagt.

Uitkomst: Het cassatieberoep van de man wordt verworpen en partijen dragen ieder hun eigen proceskosten.

Uitspraak

30 juni 2017
Eerste Kamer
16/02758
RM/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[de man],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
advocaat: mr. R.W. Keus,
t e g e n
[de vrouw],
wonende te [woonplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. C.G.A. van Stratum.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de man en de vrouw.

1.Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak C12/86380 / HA ZA 12-293 van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 6 maart 2013, 12 maart 2014 en 6 augustus 2014;
b. de arresten in de zaak HD 200.159.978/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 14 juli 2015 en 9 februari 2016.
De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.

2.Het geding in cassatie

Tegen het eindarrest van het hof heeft de man beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De vrouw heeft afgezien van het nemen van een conclusie van antwoord.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van de man heeft bij brief van 4 mei 2017 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
compenseert de kosten van het geding in cassatie aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en M.J. Kroeze, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op
30 juni 2017.