Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
13 juni 2017.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
In deze zaak stond de vraag centraal of het aangetroffen materiaal, dat op basis van een proces-verbaal van de politie werd omschreven met een penetrante henneplucht en visuele waarnemingen van henneptoppen, zonder laboratoriumtest als hennep kan worden aangemerkt.
De verdachte werd in hoger beroep veroordeeld voor het opzettelijk vervoeren van ongeveer 1.000 gram hennep. In cassatie betoogde de verdachte dat een veroordeling alleen mogelijk is indien een test heeft vastgesteld dat het materiaal daadwerkelijk hennep betreft.
De Hoge Raad verwierp dit verweer en bevestigde dat een veroordeling op basis van het proces-verbaal, waarin de waarnemingen van de verbalisanten zijn opgenomen, toereikend is. De Hoge Raad stelde dat artikel 81, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering geen vereiste bevat dat een laboratoriumtest moet zijn verricht om het materiaal als hennep aan te merken.
Het beroep van de verdachte werd verworpen en het arrest van het gerechtshof bleef in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen; veroordeling blijft in stand zonder laboratoriumtest.