Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het middel
3.Slotsom
4.Beslissing
5 januari 2016.
Hoge Raad
In deze economische strafzaak heeft de Hoge Raad op 5 januari 2016 het beroep in cassatie behandeld tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 16 april 2015. Het cassatiemiddel werd voorgesteld door de Advocaat-Generaal en betrof de vraag of het hof de Officier van Justitie ten onrechte niet-ontvankelijk had verklaard in het ingestelde hoger beroep.
De Hoge Raad verwijst naar eerdere overwegingen in een gerelateerde zaak (ECLI:NL:HR:2016:1) en concludeert dat het middel terecht is voorgesteld. De onvoldoende motivering van het hof maakt dat het bestreden arrest niet kan blijven staan.
Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en wijst de zaak terug aan het hof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, Economische Kamer, voor een nieuwe berechting en beslissing. De uitspraak werd gedaan door de vice-president en twee raadsheren tijdens een openbare terechtzitting.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.