ECLI:NL:HR:2016:2413

Hoge Raad

Datum uitspraak
25 oktober 2016
Publicatiedatum
25 oktober 2016
Zaaknummer
15/04436
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 311 Sr
Verwijzingen
3 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging kwalificatie diefstal van wallaby's als diefstal van vee uit de weide

In deze zaak stond centraal of wallaby's, kleine tot middelgrote kangoeroes, als 'vee' kunnen worden aangemerkt in de zin van art. 311, eerste lid aanhef en onder 1°, Sr. De verdachte werd door het Hof Arnhem-Leeuwarden bewezenverklaard dat hij samen met een ander op 17 maart 2015 acht wallaby's uit een weide in De Lutte heeft weggenomen met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening.

Het Hof kwalificeerde deze daad als diefstal van vee uit de weide, een specifieke strafbaarstelling die een bijzondere bescherming biedt aan dieren die gewoonlijk in een weide worden gehouden waar weinig toezicht is en die daardoor 'aan de openbare trouw zijn overgelaten'. De wetsgeschiedenis bevestigt dat deze bepaling bedoeld is om deze dieren extra te beschermen.

De verdediging stelde dat wallaby's ook als huisdier gehouden kunnen worden, waardoor zij niet als vee zouden moeten worden gekwalificeerd. De Hoge Raad oordeelde echter dat dit niet afdoet aan de kwalificatie als vee, omdat de strekking van de wet juist is gericht op dieren die in een weide worden gehouden en aan de openbare trouw zijn overgelaten.

De Hoge Raad verwierp het cassatiemiddel en bevestigde daarmee de kwalificatie en het oordeel van het Hof. Het arrest werd gewezen door de vice-president en twee raadsheren op 25 oktober 2016.

Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de kwalificatie van de diefstal van wallaby's als diefstal van vee uit de weide en verwerpt het cassatieberoep.

Uitspraak

25 oktober 2016
Strafkamer
nr. S 15/04436
DAZ/IV
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, van 7 september 2015, nummer 21/003037-15, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1976.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R.J. Baumgardt, advocaat te Spijkenisse, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het middel

2.1.
Het middel klaagt dat het Hof het bewezenverklaarde ten onrechte heeft gekwalificeerd als "diefstal van vee uit de weide". Het springende punt in deze zaak is de vraag of wallaby's (kleine tot middelgrote kangoeroes) kunnen worden aangemerkt als "vee" in de zin van art. 311, eerste lid aanhef en onder 1°, Sr.
2.2.1.
Ten laste van de verdachte heeft het Hof bewezenverklaard dat:
"hij op 17 maart 2015 te De Lutte, gemeente Losser, tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen 8, wallaby's die zich ten tijde van de diefstal in de weide bevonden, toebehorende aan [betrokkene 1]."
2.2.2.
Het Hof heeft het bewezenverklaarde gekwalificeerd als:
"Diefstal van vee uit de weide door twee of meer verenigde personen."
2.3.
Art. 311, eerste lid aanhef en onder 1°, Sr luidt als volgt:
"Met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vierde categorie wordt gestraft:
1° diefstal van vee uit de weide."
2.4.
De wetsgeschiedenis met betrekking tot deze bepaling is weergegeven in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 11 tot en met 16. De strekking van die bepaling is, naar mede uit die wetsgeschiedenis kan worden afgeleid, een bijzondere bescherming te bieden tegen de diefstal van dieren die vanwege de omstandigheid dat deze gewoonlijk in een weide worden gehouden waar doorgaans weinig toezicht wordt uitgeoefend "aan de openbare trouw zijn overgelaten". Gelet hierop heeft het Hof de bewezenverklaarde diefstal van de wallaby's uit een weide terecht gekwalificeerd als - kort gezegd - diefstal van "vee" in de zin van art. 311, eerste lid aanhef en onder 1°, Sr. Dat sommige wallaby's ook als huisdier mogen worden gehouden doet hieraan niet af.
2.5.
Het middel stuit daarop af.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier L. Nuy, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
25 oktober 2016.