Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het tweede middel
3.Beoordeling van de middelen voor het overige
4.Beslissing
31 maart 2015.
Hoge Raad
In deze strafzaak stond de vraag centraal of het Hof de tenlastelegging had verlaten door de bewezenverklaring van de plaats van het feit te wijzigen van Amsterdam naar Amstelveen. De verdachte was beschuldigd van het bezit van een vals paspoort en verzet tegen opsporingsambtenaren op 14 mei 2009.
Het Hof had aanvankelijk in het arrest vermeld dat de feiten in Amsterdam waren gepleegd, maar in een aanvulling op het arrest verklaarde het Hof dat dit een kennelijke misslag was en dat de juiste plaats Amstelveen was. De Hoge Raad nam aan dat de alternatieven "en/of Amstelveen, in elk geval in Nederland" niet waren opgenomen in de weergave van de tenlastelegging door het Hof vanwege deze misslag. De Hoge Raad las de tenlastelegging dienovereenkomstig verbeterd.
De Hoge Raad oordeelde dat deze verbetering geen schending van het procesbelang van de verdachte opleverde, mede omdat de wijziging reeds in eerste aanleg was toegestaan en de verdachte hierdoor niet werd benadeeld. Het cassatieberoep werd daarom verworpen. De overige middelen waren niet ontvankelijk of behoefden geen nadere behandeling.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen; de verbetering van de tenlastelegging wegens kennelijke misslag is geoorloofd.