Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
17 februari 2015.
Hoge Raad
Verdachte stelde beroep in cassatie in tegen een arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch in een strafzaak. Namens verdachte diende mr. G.W.L.A.M. Koppen een middel van cassatie in. De Advocaat-Generaal concludeerde tot verwerping van het beroep. De raadsman van verdachte reageerde schriftelijk op deze conclusie.
De Hoge Raad oordeelde dat het middel niet tot cassatie kon leiden. Gezien artikel 81, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering was geen nadere motivering vereist, omdat het middel geen rechtsvragen opriep die van belang waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Daarop besloot de Hoge Raad het beroep te verwerpen. Het arrest werd gewezen door raadsheer J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en V. van den Brink, en uitgesproken tijdens een openbare terechtzitting op 17 februari 2015.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen zonder nadere motivering.