Uitspraak
Staatssecretaris van Financiëntegen de uitspraak van
Rechtbank Den Haagvan 23 december 2014, nrs. SGR 14/4148 en SGR 14/4151, betreffende – naar de Hoge Raad begrijpt - de ten aanzien van
[X] B.V.te
[Z](hierna: belanghebbende) voor de jaren 2009 en 2010 gegeven beschikkingen als bedoeld in artikel 21a, lid 1, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (hierna: de Wet). De uitspraak van de Rechtbank is aan dit arrest gehecht.