Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van de middelen
3.Beslissing
23 september 2014.
Hoge Raad
Verdachte heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 17 juli 2013 in een strafzaak. Namens verdachte heeft mr. W.H. Jebbink middelen van cassatie voorgesteld. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De Hoge Raad oordeelt dat de middelen niet tot cassatie kunnen leiden en dat geen nadere motivering noodzakelijk is omdat de middelen geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproepen.
Daarom wordt het beroep verworpen. Het arrest is gewezen door de raadsheer J. de Hullu als voorzitter en de raadsheren Y. Buruma en N. Jörg, en uitgesproken op 23 september 2014.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen, arrest Gerechtshof blijft in stand.