ECLI:NL:HR:2014:2748

Hoge Raad

Datum uitspraak
9 september 2014
Publicatiedatum
22 september 2014
Zaaknummer
13/05740
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 552a Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart klager niet-ontvankelijk in beroep tegen beslagbeschikking

De klager heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een beschikking van de Rechtbank Midden-Nederland waarin zijn klaagschrift tot teruggave van een inbeslaggenomen personenauto werd afgewezen. De Advocaat-Generaal concludeerde tot niet-ontvankelijkverklaring van de klager wegens gebrek aan belang.

De rechtbank had op 5 november 2013 het klaagschrift ongegrond verklaard. Uit nadere inlichtingen bleek dat de personenauto op 14 januari 2014 aan de klager was teruggegeven, waardoor het belang bij het beroep tegen de beslagbeschikking was komen te vervallen.

De Hoge Raad heeft vervolgens de klager niet-ontvankelijk verklaard in het beroep. Dit betekent dat het cassatieberoep niet inhoudelijk is behandeld omdat het belang bij het beroep ontbrak. De uitspraak is gedaan door de Strafkamer van de Hoge Raad op 9 september 2014.

Uitkomst: De Hoge Raad verklaart klager niet-ontvankelijk in het beroep wegens gebrek aan belang na teruggaaf van het voertuig.

Uitspraak

9 september 2014
Strafkamer
nr. S 13/05740 B
BKL
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de Rechtbank Midden-Nederland, zittingsplaats Utrecht, van 5 november 2013, nummer RK 13/1995, op een klaagschrift als bedoeld in art. 552a Sv, ingediend door:
[klager], geboren te [geboorteplaats] in het jaar 1969.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de klager. Namens deze heeft mr. C.C. Polat, advocaat te Breukelen, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld.
De Advocaat-Generaal G. Knigge heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van de klager in het beroep.

2.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

De Rechtbank heeft bij beschikking van 5 november 2013 het klaagschrift van de klager strekkende tot teruggave van een onder hem inbeslaggenomen personenauto met het Duitse kenteken [001], ongegrond verklaard. Uit door de Advocaat-Generaal ingewonnen inlichtingen, zoals in de conclusie vermeld, blijkt dat de personenauto op 14 januari 2014 is teruggegeven aan de klager. Dit betekent dat de klager geen belang meer heeft bij het beroep tegen de beschikking van de Rechtbank zodat hij daarin niet-ontvankelijk moet worden verklaard.

3.Beslissing

De Hoge Raad verklaart de klager niet-ontvankelijk in het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheer H.A.G. Splinter-van Kan als voorzitter, en de raadsheren N. Jörg en V. van den Brink, in bijzijn van de griffierS.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
9 september 2014.