ECLI:NL:HR:2013:CA0795
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- N. Jörg
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring cassatieberoep wegens onvoldoende belang
Op 28 mei 2013 heeft de Hoge Raad het cassatieberoep van verdachte behandeld tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage van 15 september 2011. Het beroep in cassatie was ingesteld door verdachte, vertegenwoordigd door mr. A.W. Syrier.
De Advocaat-Generaal heeft schriftelijk het standpunt ingenomen dat het cassatieberoep niet-ontvankelijk verklaard kan worden op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie (RO). De Hoge Raad heeft dit standpunt gevolgd omdat de aangevoerde klachten onvoldoende belang rechtvaardigen en niet tot cassatie kunnen leiden.
Daarom heeft de Hoge Raad, na beraad en gehoord de Procureur-Generaal, het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaard. Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst en raadsheren J. de Hullu en N. Jörg, en uitgesproken tijdens de openbare terechtzitting.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte is niet-ontvankelijk verklaard wegens onvoldoende belang en niet-geschiktheid tot cassatie.