ECLI:NL:HR:2013:BZ7145
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- N. Jörg
- V. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt gevangenisstraf wegens opzettelijke uitkeringsfraude ondanks woonplaats Curaçao
De verdachte werd door het gerechtshof Leeuwarden veroordeeld tot een gevangenisstraf van 35 dagen wegens het opzettelijk niet verstrekken van gegevens die van belang waren voor het vaststellen van zijn recht op een uitkering. Het hof motiveerde de straf onder meer met de ernst van het feit en het feit dat verdachte sinds april 2009 woonachtig is op Curaçao, waardoor een werkstraf niet ten uitvoer kon worden gelegd.
De verdachte stelde in cassatie onder meer dat het hof ten onrechte een onvoorwaardelijke gevangenisstraf oplegde omdat een werkstraf niet uitvoerbaar zou zijn vanwege zijn woonplaats. De Hoge Raad oordeelde dat het hof terecht rekening hield met de uitvoerbaarheid van de straf, maar dat dit niet de enige reden was voor de gevangenisstraf. De straf was passend gelet op de aard, ernst en duur van het feit.
Verder stelde de Hoge Raad vast dat vóór de inwerkingtreding van de nieuwe Landsverordening in november 2011 taakstraffen niet tot het wettelijk straffenarsenaal op Curaçao behoorden, wat het oordeel van het hof begrijpelijk maakt. Hoewel de redelijke termijn voor de cassatieprocedure was overschreden, zag de Hoge Raad geen aanleiding tot rechtsgevolgen vanwege de korte duur van de straf.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde het arrest van het hof, waarmee de gevangenisstraf van 35 dagen ongewijzigd bleef.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de gevangenisstraf van 35 dagen wegens opzettelijke uitkeringsfraude.