ECLI:NL:HR:2013:BZ5349
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt vrijheid onteigeningsrechter in waarderingsmethode bij schadevergoeding onteigening
In deze zaak vordert de Gemeente Amersfoort de vervroegde onteigening van een perceelsgedeelte binnen een stedelijk vernieuwingsproject. De rechtbank heeft bij eindvonnis de schadeloosstelling vastgesteld op basis van de residuele waarderingsmethode, in plaats van de door deskundigen voorgestelde intuïtieve methode.
De Hoge Raad bevestigt dat de onteigeningsrechter zelfstandig onderzoek moet doen naar de schadevergoeding en niet gebonden is aan het advies van deskundigen. De rechter heeft de vrijheid om de waarderingsmethode te kiezen die het meest geschikt is voor de waardevaststelling, rekening houdend met de omstandigheden van het geval.
De rechtbank motiveerde haar keuze voor de residuele methode onder meer doordat deze methode gangbaar is binnen gemeentelijk grondprijsbeleid en passend is bij het binnenstedelijke project. Klachten over de motivering en het gebruik van het taxatierapport werden door de Hoge Raad verworpen. De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep van de Gemeente en bevestigt het vonnis van de rechtbank.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de Gemeente Amersfoort wordt verworpen en het vonnis van de rechtbank bevestigd.