ECLI:NL:HR:2013:BZ1383
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- N. Jörg
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt bewijs en verwerpt rechtmatigheidsverweer in woninginbraakzaak
Op 23 december 2010 werd ingebroken in een woning te Winssen waarbij een televisie werd weggenomen. Verdachte en zijn medeverdachten werden kort daarna in een donkere Peugeot 106 nabij de plaats delict aangetroffen. Getuigen zagen de vluchtende auto en personen die een andere taal spraken. Bij de aanhouding werden in de auto inbraakinstrumenten gevonden en schoensporen werden vergeleken met die bij de woning.
De rechtbank achtte de verdachte schuldig op basis van deze bewijsvoering. In hoger beroep werd een rechtmatigheidsverweer gevoerd tegen de aanhouding, stellende dat er geen redelijk vermoeden van schuld was en dat bewijsuitsluiting zou moeten volgen. Het hof verwierp dit verweer met een toereikende motivering.
De Hoge Raad oordeelt dat het middel faalt omdat het hof terecht niet apart op het verweer heeft gereageerd, aangezien dit een verweer betreft als bedoeld in art. 359a Sv. Tevens is de bewijsvoering en motivering van het hof voldoende. Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof bevestigd.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de veroordeling van verdachte voor woninginbraak.