ECLI:NL:HR:2013:580

Hoge Raad

Datum uitspraak
3 september 2013
Publicatiedatum
3 september 2013
Zaaknummer
13/02031 U
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatieberoep in uitleveringszaak Bosnië-Herzegovina

De zaak betreft een uitleveringsverzoek van de Republiek Bosnië-Herzegovina gericht tegen een persoon geboren in 1977. De Rechtbank Noord-Holland had op 29 maart 2013 het uitleveringsverzoek behandeld en een uitspraak gedaan. De opgeëiste persoon stelde cassatieberoep in bij de Hoge Raad, waarbij hij werd bijgestaan door mr. D.W.H.M. Wolters.

De Advocaat-Generaal P.C. Vegter concludeerde tot verwerping van het cassatieberoep. De Hoge Raad oordeelde dat het middel van cassatie niet tot cassatie kan leiden en dat geen nadere motivering nodig is, omdat het middel geen rechtsvragen oproept die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Op 3 september 2013 wees de Hoge Raad het arrest uit, waarbij het cassatieberoep werd verworpen. De uitspraak werd gedaan door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, samen met raadsheren B.C. de Savornin Lohman en V. van den Brink. Hiermee blijft de uitspraak van de rechtbank in stand.

Uitkomst: Het cassatieberoep van de opgeëiste persoon wordt verworpen en de uitleveringsuitspraak van de rechtbank blijft in stand.

Uitspraak

3 september 2013
Strafkamer
nr. 13/02031 U
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Holland, zittingsplaats Haarlem, van 29 maart 2013, nummer 15/741395-12, op een verzoek van de Republiek Bosnië-Herzegovina tot uitlevering van:
[de opgeëiste persoon], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1977.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de opgeëiste persoon. Namens deze heeft mr. D.W.H.M. Wolters, advocaat te Hoofddorp, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2. Beoordeling van het middel
Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren B.C. de Savornin Lohman en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
3 september 2013.