Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
3 mei 2013.
Hoge Raad
In deze strafzaak heeft de verdachte cassatieberoep ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch. Het cassatieberoep is ingediend door de advocaat mr. G.J.A. van de Grint. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De Hoge Raad heeft het middel beoordeeld en geoordeeld dat het middel niet tot cassatie kan leiden. Gezien artikel 81, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering is geen nadere motivering vereist omdat het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Daarom heeft de Hoge Raad het beroep verworpen en het arrest van het hof bevestigd. De uitspraak werd gedaan tijdens een openbare terechtzitting op 3 mei 2013, onder voorzitterschap van vice-president W.A.M. van Schendel, met raadsheren W.F. Groos en N. Jörg.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de verdachte is verworpen zonder nadere motivering.