ECLI:NL:HR:2013:2054

Hoge Raad

Datum uitspraak
20 december 2013
Publicatiedatum
18 december 2013
Zaaknummer
13/01602
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4:149 BWArt. 81 lid 1 RO
Verwijzingen
4 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afgewezen verzoek tot ontslag van executeur van nalatenschap

In deze zaak stond het verzoek tot ontslag van de executeur van een nalatenschap centraal, zoals geregeld in artikel 4:149 lid 1 aanhef Pro en onder f en lid 2 BW. De kantonrechter te Enschede wees het verzoek af, hetgeen door het gerechtshof Arnhem werd bekrachtigd.

De verzoekster stelde beroep in cassatie in tegen de beschikking van het hof. De advocaat-generaal adviseerde tot verwerping van het beroep, waarop de verzoekster reageerde. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was, omdat geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.

Daarmee werd het beroep verworpen en bleef de beschikking van het hof in stand. De uitspraak werd gedaan door een kamer van de Hoge Raad, waarbij de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, G. Snijders, G. de Groot en M.A. Loth betrokken waren.

Uitkomst: Het verzoek tot ontslag van de executeur van de nalatenschap is afgewezen en het cassatieberoep verworpen.

Uitspraak

20 december 2013
Eerste Kamer
nr. 13/01602
EV/NH
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[verzoekster],
wonende te [woonplaats], Duitsland,
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. P.J.Ph. Dietz de Loos,
t e g e n
[verweerster],
wonende te [woonplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoekster] en [verweerster].

1.Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikking met zaaknummers 397333 en 399578 van de kantonrechter te Enschede van 16 april 2012;
b. de beschikking in de zaak 200.110.553 van het gerechtshof te Arnhem van 27 december 2012.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2.Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft [verzoekster] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
[verweerster] heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van [verzoekster] heeft bij brief van 13 november 2013 op die conclusie gereageerd.

3.Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en G. de Groot, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op
20 december 2013.