Uitspraak
1.Geding in cassatie
3.Beslissing
19 november 2013.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep ingesteld door verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch in een strafzaak. Verdachte werd bijgestaan door advocaten D. Moszkowicz en mr. H.M.W. Daamen die middelen van cassatie hebben voorgesteld. De waarnemend Advocaat-Generaal N. Jörg concludeerde tot verwerping van het beroep, waarop de verdediging schriftelijk reageerde.
De Hoge Raad heeft de middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet tot cassatie kunnen leiden. Gezien artikel 81, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering was geen nadere motivering vereist omdat de middelen geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Daarom heeft de Hoge Raad het cassatieberoep van verdachte verworpen. Het arrest is gewezen door raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan (voorzitter), W.F. Groos en Y. Buruma en uitgesproken in een openbare terechtzitting op 19 november 2013.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen zonder nadere motivering.