Uitspraak
[X]te
[Z](hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het
Gerechtshof Den Haagvan 29 mei 2013, nr. BK-12/00882, betreffende de aan belanghebbende voor het jaar 2008 opgelegde aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen.
Hoge Raad
Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen de uitspraak van het Gerechtshof Den Haag van 29 mei 2013, waarin de aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen over het jaar 2008 aan hem was opgelegd.
De Hoge Raad heeft de ingediende klachten van belanghebbende beoordeeld, maar deze klachten konden niet leiden tot cassatie. Gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie was nadere motivering niet vereist, omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad heeft geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen en heeft het beroep in cassatie ongegrond verklaard. Het arrest is op 13 december 2013 in het openbaar uitgesproken door raadsheer C. Schaap als voorzitter, met raadsheren P.M.F. van Loon en Th. Groeneveld.
Uitkomst: Het beroep in cassatie van belanghebbende is ongegrond verklaard.