Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het Gerechtshof Amsterdam dat een uitspraak van de Rechtbank Haarlem bevestigde over de inhouding van loonbelasting en premie volksverzekeringen op gereserveerde bonussen.
De zaak betrof de vraag of gereserveerde bonussen genoten door een werknemer (niet DGA) in het jaar van uitbetaling belastbaar zijn. De Advocaat-Generaal concludeerde tot ongegrondverklaring van het cassatieberoep.
De Hoge Raad volgde deze conclusie en oordeelde dat de middelen niet leiden tot cassatie, mede omdat er geen rechtsvragen waren die beantwoording behoefden in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Er werden geen proceskosten aan belanghebbende opgelegd. Het arrest werd op 22 november 2013 in het openbaar uitgesproken door de raadsheren Schaap, Fierstra en Groeneveld.