ECLI:NL:HR:2013:120

Hoge Raad

Datum uitspraak
2 juli 2013
Publicatiedatum
18 juli 2013
Zaaknummer
11/05520
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
2 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep in strafzaak zonder nadere motivering

In deze strafzaak heeft de verdachte beroep in cassatie ingesteld tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam. Het hof had op 28 november 2011 uitspraak gedaan in de zaak met nummer 21/003394-11. De advocaat van de verdachte diende een middel van cassatie in. De Advocaat-Generaal adviseerde het beroep te verwerpen.

De Hoge Raad heeft het middel beoordeeld en geoordeeld dat het middel niet tot cassatie kan leiden. Gezien artikel 81, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering (RO) is geen nadere motivering vereist, omdat het middel geen rechtsvragen oproept die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Daarom heeft de Hoge Raad het cassatieberoep van de verdachte verworpen. Het arrest is gewezen door de vice-president van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Splinter-van Kan en Buruma, en uitgesproken tijdens een openbare terechtzitting op 2 juli 2013.

Uitkomst: Het cassatieberoep van de verdachte wordt verworpen zonder nadere motivering.

Uitspraak

2 juli 2013
Strafkamer
nr. S 11/05520
AJ/SM
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam, zitting houdende te Arnhem, van 28 november 2011, nummer 21/003394-11, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1989.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. I. Baardman, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal A.J. Machielse heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en Y. Buruma, in bijzijn van de waarnemend griffier S.C. Rusche, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
2 juli 2013.