Uitspraak
gevestigd te Road Town, Tortola, British Virgin Islands,
in haar hoedanigheid van rechtsopvolgster van [A] B.V.,
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
8 november 2013.
Hoge Raad
In deze zaak stond de bouw en levering van een schip centraal waarbij een overeengekomen korting op de prijs werd betwist. Framroad, de eiseres in cassatie, stelde zich op het standpunt dat de korting rechtsgeldig was, terwijl de wederpartij, de rechtsopvolgster van een Nederlandse BV, de vernietiging van deze korting vorderde wegens misbruik van omstandigheden.
De procedure begon bij de rechtbank Amsterdam met meerdere vonnissen tussen 2004 en 2009, waarna het gerechtshof Amsterdam in 2012 een arrest wees dat de vernietiging van de korting bevestigde. Framroad stelde daarop beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep van Framroad verworpen. De klachten van Framroad voldeden niet aan de vereisten van artikel 81 lid 1 RO Pro, omdat zij geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling opriepen. De Hoge Raad bevestigde daarmee het arrest van het hof dat de korting wegens misbruik van omstandigheden vernietigde.
Framroad werd veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding, begroot op een bedrag van € 8.318,34. Het arrest werd gewezen door een meervoudige kamer en in het openbaar uitgesproken door raadsheer M.A. Loth op 8 november 2013.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Framroad wordt verworpen en het arrest van het hof wordt bevestigd.