ECLI:NL:HR:2013:1083

Hoge Raad

Datum uitspraak
1 november 2013
Publicatiedatum
31 oktober 2013
Zaaknummer
12/05540
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 ROArt. 1:431 BWArt. 1:448 lid 2 BW
Verwijzingen
5 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek tot ontslag medebewindvoerder en benoeming nieuwe medebewindvoerder afgewezen

In deze zaak stond een verzoek tot ontslag van een medebewindvoerder en de benoeming van een nieuwe medebewindvoerder onder beschermingsbewind voor een meerderjarige centraal. De kantonrechter te Nijmegen had eerder een beschikking genomen, gevolgd door een beschikking van het gerechtshof Arnhem.

Verzoeker stelde beroep in cassatie in tegen de beschikking van het hof, waarbij verweerders verzochten het beroep te verwerpen. De Advocaat-Generaal adviseerde eveneens tot verwerping van het cassatieberoep op grond van artikel 81 lid 1 RO Pro.

De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. Het beroep werd derhalve verworpen.

De uitspraak werd gedaan door een kamer van drie raadsheren onder voorzitterschap van A.M.J. van Buchem-Spapens en in het openbaar uitgesproken door raadsheer M.A. Loth op 1 november 2013.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het verzoek tot ontslag van de medebewindvoerder en benoeming van een nieuwe medebewindvoerder wordt afgewezen.

Uitspraak

1 november 2013
Eerste Kamer
nr. 12/05540
RM/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[verzoeker],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. J.H.M. van Swaaij,
t e g e n
1. [verweerder 1],
2. [verweerder 2],
beiden wonende te [woonplaats],
VERWEERDERS in cassatie,
advocaat: mr. H.J.W. Alt,
Belanghebbende in cassatie:
[belanghebbende],
wonende te [woonplaats],
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als verzoeker en verweerders.

1.Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikking in de zaak 761752 BM VERZ 11-1004 / PH/520/dh van de kantonrechter te Nijmegen van 18 januari 2012;
b. de beschikking in de zaak 200.105.499 van het gerechtshof te Arnhem van 6 september 2012.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2.Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft verzoeker beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
Verweerders hebben verzocht het beroep te verwerpen. Belanghebbende, A.W.M. van Wijk, is in cassatie niet verschenen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het cassatieberoep met toepassing van art. 81 RO Pro.

3.Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en G. de Groot, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op
1 november 2013.