Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van de middelen
3.Beslissing
29 oktober 2013.
Hoge Raad
De Hoge Raad behandelde het cassatieberoep van verdachte tegen het arrest van het Gerechtshof te Leeuwarden van 28 november 2011. Het beroep was ingesteld door verdachte en ondersteund door zijn raadsman mr. R.P. Snorn. De Advocaat-Generaal J. Wortel adviseerde tot verwerping van het beroep.
De Hoge Raad oordeelde dat de middelen van cassatie niet konden leiden tot vernietiging van het bestreden arrest. Gezien artikel 81, eerste lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie was geen nadere motivering vereist omdat de middelen geen rechtsvragen opriepen die van belang waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Daarom werd het beroep verworpen. Het arrest werd gewezen door de raadsheer H.A.G. Splinter-van Kan als voorzitter, samen met raadsheren Y. Buruma en V. van den Brink, en uitgesproken in openbare terechtzitting op 29 oktober 2013.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen zonder nadere motivering.