Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het tweede middel
NN-[betrokkene 2] zegt dat zijn medewerkers niet hebben gezegd dat het asbestvrij is.
3.Beoordeling van de overige middelen
4.Beslissing
29 oktober 2013.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch waarin verdachte werd veroordeeld voor valsheid in geschrift. Het hof had vastgesteld dat verdachte opzettelijk minder asbesturen in een logboek had geregistreerd dan daadwerkelijk waren gewerkt tijdens een asbestsloop in Gilze-Rijen.
Het bewijs bestond uit telefoongesprekken, verklaringen van betrokkenen en een analyse-rapport van een laboratorium. De verklaringen toonden aan dat er na de officiële vrijgave om 9.30 uur nog asbestwerkzaamheden werden verricht, terwijl het logboek minder uren vermeldde. Verdachte voerde aan dat na de vrijgave alleen asbestvrije golfplaten werden verwijderd, waardoor registratie van uren niet verplicht was.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof binnen zijn beoordelingsvrijheid had gehandeld door de verklaringen en bewijsmiddelen samenhangend te waarderen en dat het hof terecht had geconcludeerd dat het logboek valselijk was opgemaakt. Het cassatieberoep werd verworpen, waarmee het arrest van het hof werd bekrachtigd.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de veroordeling voor valsheid in geschrift wegens het opzettelijk valselijk registreren van minder asbesturen in het logboek.