ECLI:NL:HR:2012:BY4289
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- N. Jörg
- V. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Herstel verzuim mindering overleveringsdetentie bij tenuitvoerlegging gevangenisstraf
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een uitspraak van de Rechtbank Maastricht over de tenuitvoerlegging van een buitenlandse strafvonnis op grond van de Wet overdracht tenuitvoerlegging strafvonnissen (WOTS). De veroordeelde verbleef in Nederland in overleveringsdetentie en werd vervolgens vrijheidsbeneming opgelegd volgens de WOTS.
De Hoge Raad stelt vast dat de rechtbank onjuist het Verdrag tussen de Lid-Staten van de Europese Gemeenschappen inzake de tenuitvoerlegging van buitenlandse strafvonnissen als toepasselijk verdrag heeft aangenomen, terwijl het juiste verdrag het Verdrag inzake de overbrenging van gevonniste personen uit 1983 is. Hierdoor is nagelaten te bevelen dat de tijd die de veroordeelde in Nederland in overleveringsdetentie en WOTS-detentie heeft doorgebracht in mindering wordt gebracht op de gevangenisstraf.
De Hoge Raad vernietigt het bestreden vonnis voor zover dit verzuim betreft en beveelt dat deze detentietijd alsnog in mindering wordt gebracht. Voor het overige wordt het beroep verworpen. Het arrest is gewezen door de strafkamer van de Hoge Raad op 18 december 2012.
Uitkomst: De Hoge Raad beveelt dat de tijd in overleveringsdetentie en WOTS-detentie in Nederland in mindering wordt gebracht op de opgelegde gevangenisstraf.