ECLI:NL:HR:2012:BX9533
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- B.C. de Savornin Lohman
- N. Jörg
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep wegens overschrijding redelijke termijn zonder rechtsgevolg
Op 13 november 2012 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in het cassatieberoep van verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 30 september 2010.
De verdachte, vertegenwoordigd door mr. A.J.M. Bommer, stelde een middel van cassatie voor, dat echter niet tot cassatie kon leiden. De Advocaat-Generaal adviseerde het beroep te verwerpen.
De Hoge Raad constateerde dat de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6, eerste lid, EVRM was overschreden, aangezien meer dan twee jaar waren verstreken sinds het instellen van het cassatieberoep. Gezien de geringe strafmaat – een taakstraf van twee uren, subsidiair een dag hechtenis – en de mate van overschrijding, zag de Hoge Raad geen aanleiding om hieraan rechtsgevolgen te verbinden.
Daarom werd het beroep verworpen en bleef het bestreden arrest in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen ondanks overschrijding van de redelijke termijn zonder rechtsgevolgen.