ECLI:NL:HR:2012:BX5787

Hoge Raad

Datum uitspraak
5 oktober 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
12/02999
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 352 FwArt. 354 FwArt. 358 Fw
Verwijzingen
5 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep inzake beëindiging WSNP zonder schone lei

In deze zaak stond de vraag centraal of het verzoek tot cassatie tegen het arrest van het gerechtshof Amsterdam, waarin de beëindiging van de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP) zonder schone lei werd bevestigd, gegrond was. De verzoeker had beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van 12 juni 2012.

De Hoge Raad verwijst naar de eerdere vonnissen en arresten in de procedure, waaronder het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 11 april 2012 en het arrest van het gerechtshof Amsterdam. De conclusie van de Advocaat-Generaal was om het cassatieberoep te verwerpen.

De Hoge Raad oordeelt dat de aangevoerde klachten niet leiden tot cassatie en dat geen nadere motivering nodig is omdat de klachten geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproepen.

Daarom wordt het cassatieberoep verworpen en blijft het arrest van het gerechtshof ongewijzigd. Het arrest is gewezen door de raadsheren Van Buchem-Spapens, Streefkerk en Loth en in het openbaar uitgesproken door vice-president Bakels op 5 oktober 2012.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof blijft ongewijzigd.

Uitspraak

5 oktober 2012
Eerste Kamer
12/02999
EE/LZ
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Verzoeker],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. P.J.Ph. Dietz de Loos.
Verzoeker tot cassatie zal hierna ook worden aangeduid als [verzoeker].
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak met het insolventienummer 09.271-R van de rechtbank Amsterdam van 11 april 2012,
b. het arrest in de zaak 200.105.455/01 van het gerechtshof te Amsterdam van 12 juni 2012.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.A. Streefkerk en M.A. Loth, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president F.B. Bakels op 5 oktober 2012.