ECLI:NL:HR:2012:BX5153

Hoge Raad

Datum uitspraak
2 oktober 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
11/01281 P
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping beroep cassatie inzake ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel

In deze zaak heeft de Hoge Raad het cassatieberoep van betrokkene verworpen tegen een uitspraak van het Gerechtshof Leeuwarden van 3 maart 2011. Het geschil betrof een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. Betrokkene, vertegenwoordigd door mr. M. t'Sas, stelde middelen van cassatie voor, maar deze werden door de Advocaat-Generaal verworpen.

De Hoge Raad overwoog dat de middelen niet tot cassatie konden leiden en dat gezien artikel 81 van Pro het Wetboek van Strafvordering geen nadere motivering noodzakelijk was omdat de middelen geen rechtsvragen opriepen die van belang waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Het arrest werd gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter en de raadsheren W.F. Groos en J. Wortel, en uitgesproken op 2 oktober 2012. De Hoge Raad bevestigde daarmee het oordeel van het hof en wees het beroep af.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het Gerechtshof Leeuwarden bevestigd.

Uitspraak

2 oktober 2012
Strafkamer
nr. S 11/01281 P
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het Gerechtshof te Leeuwarden van 3 maart 2011, nummer 24/002501-05, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste van:
[Betrokkene], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1975, wonende te [woonplaats].
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze heeft mr. M. t'Sas, advocaat te Wijk bij Duurstede, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2. Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren W.F. Groos en J. Wortel, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken op 2 oktober 2012.