ECLI:NL:HR:2012:BX0737
Hoge Raad
- Cassatie
- F.B. Bakels
- J.C. van Oven
- A.H.T. Heisterkamp
- C.E. Drion
- M.V. Polak
- Rechtspraak.nl
Bewijsopdracht en bewijslastverdeling bij beroepsfout advocaat in vennootschapsgeschil
In deze zaak vordert eiser vergoeding van schade wegens een beroepsfout van zijn advocaat, die in een eerdere procedure nagelaten heeft een niet-ontvankelijkheidsverweer te voeren. Dit verweer hield in dat eiser sinds 1986 geen vennoot meer was van de vennootschap onder firma, waardoor hij ten onrechte tot betaling werd veroordeeld.
De rechtbank oordeelde dat de advocaat een beroepsfout had gemaakt en droeg bewijs op aan verweerder. Het hof vernietigde dit bewijsopdracht en gaf eiser een bewijsopdracht die de Hoge Raad onjuist achtte omdat deze eiser in een zwaardere bewijspositie plaatste dan gerechtvaardigd.
De Hoge Raad stelt dat het bewijsrisico in de aansprakelijkheidsprocedure niet mag afwijken van dat in de oorspronkelijke procedure, waarin de tegenpartij het bewijs moest leveren. De zaak wordt terugverwezen voor verdere behandeling met een aangepaste bewijsopdracht aan eiser.
De uitspraak verduidelijkt de bewijsopdracht en bewijslastverdeling bij aansprakelijkheid voor beroepsfouten van advocaten in civiele procedures, met name bij verschil in bewijsrisico tussen oorspronkelijke en aansprakelijkheidsprocedure.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt bewijsopdracht van hof en verwijst zaak terug voor aangepaste bewijslevering door eiser.