ECLI:NL:HR:2012:BW3352
Hoge Raad
- Wraking
- G.J.M. Corstens
- J.C. van Oven
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot wraking van raadsheren in herzieningsprocedure belastingzaak
Verzoeker heeft namens belanghebbende A een verzoek tot herziening ingediend van een arrest van de Hoge Raad. Vervolgens heeft verzoeker wraking gevraagd van de raadsheren die het herzieningsverzoek zouden behandelen. Het wrakingsverzoek baseerde zich op ernstige aantijgingen zoals het plegen van strafbare feiten en het negeren van wet- en regelgeving.
De Hoge Raad beoordeelde het wrakingsverzoek aan de hand van artikel 8:15 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en de toepasselijkheid daarvan in belastingzaken. De aangevoerde gronden waren echter niet gebaseerd op concrete feiten of omstandigheden die de onpartijdigheid van de raadsheren zouden aantasten.
Daarom verklaarde de Hoge Raad het wrakingsverzoek kennelijk ongegrond en wees het af. Tevens bepaalde de Hoge Raad dat een volgend wrakingsverzoek van dezelfde verzoeker in deze zaak niet in behandeling zal worden genomen, vanwege misbruik van bevoegdheid.
De beslissing werd genomen door de president en twee raadsheren van de Hoge Raad en in het openbaar uitgesproken op 20 april 2012.
Uitkomst: Het verzoek tot wraking wordt afgewezen en een volgend wrakingsverzoek wordt niet in behandeling genomen.