ECLI:NL:HR:2012:BV1349
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad behandelt cassatieberoep over kosten van vervolging en invorderingsrente
In deze zaak heeft de Hoge Raad het cassatieberoep van X te Z behandeld tegen het arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 10 maart 2011. Het geschil betrof de toewijzing van kosten van vervolging en een beschikking van de ontvanger over invorderingsrente op grond van artikel 30 van Pro de Invorderingswet 1990.
De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie afgedaan met toepassing van artikel 81 van Pro het Wetboek van Rechtsvordering, hetgeen inhoudt dat het beroep niet-ontvankelijk is verklaard of niet-ontvankelijk is bevonden zonder inhoudelijke behandeling van de zaak. Hierdoor blijft het arrest van het hof in stand.
De uitspraak bevestigt de rechtsgeldigheid van de beschikking van de ontvanger en de kostenveroordeling door het hof, waarmee de belastingplichtige gehouden blijft aan de opgelegde kosten en invorderingsrente. De Hoge Raad geeft hiermee geen inhoudelijke beoordeling van de materiële geschilpunten, maar beperkt zich tot de procesrechtelijke afdoening.
Uitkomst: Het cassatieberoep is afgewezen op grond van artikel 81 RO, waardoor het arrest van het hof in stand blijft.