ECLI:NL:HR:2012:BT8951
Hoge Raad
- Cassatie
- W.A.M. van Schendel
- B.C. de Savornin Lohman
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing verzoek tot horen getuige in moordzaak
In deze strafzaak stond de verdachte terecht voor de moord op zijn echtgenote op 26 mei 2007 te Boxtel. De verdediging verzocht het hof om een getuige nader te horen over een beweerde bedreiging, teneinde de betrouwbaarheid van diens eerdere belastende verklaringen te toetsen. Het hof wees dit verzoek af omdat de verklaringen van de getuige in belangrijke mate werden ondersteund door ander bewijsmateriaal en het hof zich voldoende in staat achtte de betrouwbaarheid daarvan te beoordelen.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof de juiste maatstaf heeft toegepast bij de afwijzing van het verzoek en dat deze afwijzing niet onbegrijpelijk of onvoldoende gemotiveerd was. De politieverklaringen van de getuige waren niet het enige bewijsmiddel en het hof was daarom niet ambtshalve gehouden de getuige te horen. De verdediging kon niet aannemelijk maken dat de getuige de verdachte valselijk had belast.
Het cassatieberoep werd verworpen. De Hoge Raad bevestigde hiermee het arrest van het hof dat de verklaringen van de getuige tot bewijs heeft gebruikt en het verzoek tot nader verhoor heeft afgewezen. Het arrest werd gewezen door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad op 24 januari 2012.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt het hof en verwerpt het cassatieberoep tegen de afwijzing van het verzoek tot het horen van de getuige.