ECLI:NL:HR:2012:BQ6098
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- E.N. Punt
- C.H.W.M. Sterk
- P.M.F. van Loon
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad stelt prejudiciële vragen over douanerechten en btw bij overschrijding vervoerstermijn extern communautair douanevervoer
De zaak betreft een geschil tussen belanghebbende en de Inspecteur over de terugbetaling van douanerechten en omzetbelasting na overschrijding van de vervoerstermijn bij extern communautair douanevervoer van een dieselmotor.
De Rechtbank Haarlem en het Hof Amsterdam oordeelden dat de overschrijding van de vervoerstermijn niet leidt tot onttrekking aan het douanetoezicht, maar tot een schending van een verplichting onder artikel 204 CDW Pro, waarbij sprake kan zijn van een verzuim zonder werkelijke gevolgen. De Inspecteur stelde dat er sprake was van onttrekking en vorderde douanerechten en btw.
De Hoge Raad onderzoekt of het enkele overschrijden van de vervoerstermijn leidt tot douaneschuld wegens onttrekking of wegens een verzuim zonder werkelijke gevolgen, en of in dat laatste geval btw verschuldigd is. De Hoge Raad legt deze vragen voor aan het Hof van Justitie EU en schorst de procedure totdat het Hof uitspraak doet.
Uitkomst: De Hoge Raad schorst de procedure en legt prejudiciële vragen voor aan het Hof van Justitie EU over de gevolgen van overschrijding van de vervoerstermijn bij extern communautair douanevervoer.