ECLI:NL:HR:2011:BU7291
Hoge Raad
- Cassatie
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- C.E. Drion
- J.C. van Oven
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in cassatie wegens niet tijdige betaling griffierecht
In deze zaak heeft de moeder beroep in cassatie ingesteld tegen een beschikking van het gerechtshof te 's-Gravenhage. Volgens art. 3 lid 4 Wet Pro griffierechten burgerlijke zaken diende het griffierecht binnen vier weken na indiening van het verzoekschrift te zijn voldaan. De moeder heeft dit griffierecht echter pas na deze termijn betaald, waardoor zij niet-ontvankelijk verklaard moest worden.
De moeder voerde aan dat toepassing van de niet-ontvankelijkheidsregel tot een onbillijke situatie zou leiden, omdat zij aanzienlijke bedragen aan kinderalimentatie zou moeten voldoen. Dit beroep op de hardheidsclausule werd echter verworpen, mede omdat het hof reeds had geoordeeld dat de moeder niet verplicht was teveel betaalde kinderalimentatie terug te betalen.
De Hoge Raad concludeerde dat er geen omstandigheden waren die toepassing van de hardheidsclausule rechtvaardigden en verklaarde de moeder niet-ontvankelijk in haar cassatieberoep. De beslissing werd genomen door raadsheren Bakels, Asser, Drion en uitgesproken door Van Oven op 9 december 2011.
Uitkomst: De moeder wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar cassatieberoep wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.