ECLI:NL:HR:2011:BU6503
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- J.W.M. Tijnagel
- A.H.T. Heisterkamp
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak en verwijst zaak over navorderingsaanslagen en boeten inkomstenbelasting
Belanghebbende kreeg navorderingsaanslagen en boeten opgelegd voor de jaren 1991 tot en met 2000 in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen. De Inspecteur handhaafde deze na bezwaar, maar het hof vernietigde deze uitspraken, verminderde de aanslagen, boeten en heffingsrente, en sprak gedeeltelijke kwijtschelding uit.
De Hoge Raad stelde vast dat het hof bij de beoordeling van de boeten de eerdere jurisprudentie van 15 april 2011 onvoldoende had betrokken, waardoor het hof ten onrechte tot zijn oordeel was gekomen. Daarom werd het beroep in cassatie gegrond verklaard en het arrest van het hof vernietigd voor wat betreft de verhogingen over 1991-1997 en de boeten over 1998-2000.
De zaak werd verwezen naar het gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling met inachtneming van het arrest van 15 april 2011. Tevens werd de Staatssecretaris van Financiën veroordeeld in de proceskosten en werd belanghebbende het betaalde griffierecht vergoed.
De Hoge Raad benadrukte dat bij de herbeoordeling het hof ook aandacht moet besteden aan specifieke onderdelen van het arrest van 15 april 2011. De procedurekosten werden verdeeld rekening houdend met samenhangende zaken. Het arrest werd uitgesproken door de vice-president en raadsheren op 2 december 2011.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar het gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling.