ECLI:NL:HR:2011:BU3924
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- J.C. van Oven
- W.A.M. van Schendel
- C.A. Streefkerk
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing beroep inzake onrechtmatige publicatie en persvrijheid
In deze zaak stond een geschil centraal tussen Pretium Telecom en Omroepvereniging VARA samen met een derde partij over de vraag of sprake was van een onrechtmatige publicatie die de persvrijheid betrof. Pretium Telecom had in de lagere instanties een kort geding aangespannen, waarin de voorzieningenrechter te 's-Gravenhage op 7 mei 2009 een uitspraak deed. Het gerechtshof te 's-Gravenhage bevestigde dit vonnis op 12 januari 2010.
Pretium Telecom stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad tegen het arrest van het hof. De Hoge Raad heeft het cassatieberoep behandeld en de conclusie van de Advocaat-Generaal, die tot verwerping van het beroep strekte, gevolgd. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet nodig was omdat de klachten geen rechtsvragen bevatten die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad heeft het beroep van Pretium Telecom verworpen en Pretium veroordeeld in de proceskosten van het cassatiegeding, begroot op € 385,34 aan verschotten en € 2.200,-- aan salaris. Hiermee is het oordeel van de lagere rechterlijke instanties bekrachtigd en blijft het vonnis inzake de onrechtmatige publicatie en persvrijheid ongewijzigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Pretium Telecom wordt verworpen en de eerdere uitspraken worden bekrachtigd.