ECLI:NL:HR:2011:BT6403
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- B.C. de Savornin Lohman
- W.M.E. Thomassen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens onvoldoende motivering bewezenverklaring oplichting met valse hoedanigheid
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam waarin verdachte werd veroordeeld voor oplichting door het aannemen van een valse hoedanigheid en het bedrieglijk verkrijgen van rozen en planten ter waarde van ongeveer €527,70.
De bewezenverklaring steunde op verklaringen van een medewerkster van de politie en van verdachte zelf, alsmede op een nota van de bloemist. Het hof achtte het verweer van verdachte tot vrijspraak niet aannemelijk en baseerde zich op het feit dat verdachte de rekening op naam van een niet-bestaande B.V. had laten zetten.
De Hoge Raad oordeelt echter dat de bewezenverklaring niet voldoende is gemotiveerd en niet uit de bewijsmiddelen kan worden afgeleid. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en verwijst de zaak terug naar het hof voor een nieuwe beoordeling op het bestaande hoger beroep.
De uitspraak is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en uitgesproken op 29 november 2011.
Uitkomst: Arrest van het hof vernietigd en zaak terugverwezen voor hernieuwde berechting.