ECLI:NL:HR:2011:BS1741
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- W.F. Groos
- C.H.W.M. Sterk
- Rechtspraak.nl
Nietigheid vonnis wegens ontbreken inhoud bewijsmiddelen in Antilliaanse strafzaak
In deze strafzaak tegen verdachte heeft het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba een vonnis gewezen waarin de inhoud van de bewijsmiddelen niet in het vonnis zelf was opgenomen, maar slechts in een bijlage die niet was gehecht. Volgens artikel 402, eerste en zevende lid, van het Wetboek van Strafvordering Nederlandse Antillen (SvNA) moet het vonnis het tenlastegelegde en de inhoud van de bewijsmiddelen bevatten, op straffe van nietigheid.
De verdachte stelde beroep in cassatie in tegen dit vonnis. De Hoge Raad oordeelde dat het verzuim van het hof om de bewijsmiddelen in het vonnis op te nemen een schending van art. 402 SvNA Pro oplevert en dat dit verzuim leidt tot nietigheid van het vonnis. De Hoge Raad vernietigde daarom het bestreden vonnis en verwees de zaak terug naar het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba voor hernieuwde berechting en afdoening.
De overige middelen behoefden geen bespreking. De uitspraak werd gedaan door de Strafkamer van de Hoge Raad op 25 oktober 2011, waarbij vice-president Koster als voorzitter en raadsheren Groos en Sterk betrokken waren.
Uitkomst: Het vonnis wordt vernietigd wegens het ontbreken van de inhoud van de bewijsmiddelen in het vonnis, met verwijzing voor hernieuwde berechting.