ECLI:NL:HR:2011:BR3046
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- M.A. Loth
- Rechtspraak.nl
Vernietiging verbeurdverklaring en vermindering gevangenisstraf wegens termijnoverschrijding
In deze strafzaak is bewezen verklaard dat de verdachte op 14 juni 2006 haar twee kinderen met meerdere messteken heeft omgebracht. De kleding die zij droeg, een joggingbroek en een t-shirt, werd in beslag genomen en forensisch onderzocht, waarbij bloedsporen werden aangetroffen die bijdroegen aan het bewijs.
Het hof verklaarde deze kleding verbeurd, met het oordeel dat het bewezenverklaarde met betrekking tot deze voorwerpen was begaan. De Hoge Raad oordeelt echter dat dit oordeel zonder nadere motivering niet begrijpelijk is en daarmee niet voldoet aan de eisen van de wet. Daarom wordt de verbeurdverklaring vernietigd.
Daarnaast is vastgesteld dat de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro is overschreden, mede doordat de stukken te laat door het hof werden ingezonden en de cassatie-uitspraak meer dan zestien maanden na het instellen van het beroep plaatsvond terwijl de verdachte in voorlopige hechtenis zat. Dit leidt tot vermindering van de opgelegde gevangenisstraf tot drie jaar en tien maanden.
De Hoge Raad verwerpt het beroep voor het overige en vernietigt de uitspraak uitsluitend wat betreft de verbeurdverklaring en de duur van de gevangenisstraf.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de verbeurdverklaring wegens gebrek aan motivering en vermindert de gevangenisstraf tot drie jaar en tien maanden wegens overschrijding van de redelijke termijn.