ECLI:NL:HR:2011:BR2355
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- B.C. de Savornin Lohman
- J. de Hullu
- W.M.E. Thomassen
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt medeplegen moord en wegmaken sporen in Ridderkerk
Op 6 juli 2007 werd in Ridderkerk een vrouw, het slachtoffer, om het leven gebracht door wurging met een touw. Verdachte en haar zus, de medeverdachte, bezochten het slachtoffer met het doel problemen tussen medeverdachte en slachtoffer op te lossen. Tijdens het bezoek ontstond een conflict, waarbij het slachtoffer gedwongen werd een afscheidsbrief te schrijven, pillen in te nemen en bleekwater te drinken.
De medeverdachte wurgde het slachtoffer met een touw in de waskamer terwijl verdachte aanwezig was. Verdachte deed geen poging om dit te verhinderen en hielp later mee met het verwijderen van sporen door het meenemen van een blikje cola en een asbak. Het hof oordeelde dat er sprake was van medeplegen met voorbedachten rade en na kalm beraad.
De Hoge Raad stelde vast dat het bewijs voldoende was voor medeplegen en verwierp de klachten over de bewijsvoering. Het cassatieberoep werd afgewezen, waarmee het arrest van het hof werd bekrachtigd.
Uitkomst: Hoge Raad bevestigt medeplegen moord en wegmaken sporen, cassatieberoep verworpen.