ECLI:NL:HR:2011:BR2075
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- M.A. Loth
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep tegen arrest Gerechtshof Amsterdam in strafzaak
De zaak betreft een cassatieberoep ingesteld door verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 12 mei 2010. Verdachte, geboren in 1984, had geen bekende woon- of verblijfplaats in Nederland ten tijde van de betekening van de aanzegging. Namens verdachte diende mr. G. Spong een middel van cassatie in. De Advocaat-Generaal concludeerde tot verwerping van het beroep.
De Hoge Raad heeft het middel beoordeeld en geoordeeld dat het niet tot cassatie kan leiden. Gezien artikel 81 van Pro het Wetboek van Strafvordering is geen nadere motivering vereist omdat het middel geen rechtsvragen oproept die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Daarop heeft de Hoge Raad het beroep verworpen. Het arrest is gewezen door de vice-president als voorzitter en twee raadsheren, in aanwezigheid van de waarnemend griffier, en uitgesproken op 27 september 2011.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte is verworpen door de Hoge Raad.