ECLI:NL:HR:2011:BR2045
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- J.C. van Oven
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- G. Snijders
- Rechtspraak.nl
Vernietiging hofarrest over afstandsbeding schadevergoeding bij onteigening huurovereenkomst boomgaard
De zaak betreft een huurovereenkomst van een boomgaard op een perceel grond dat is onteigend. De huurder had een beding aanvaard waarin stond dat bij onteigening geen schadevergoeding aan hem verschuldigd zou zijn. De eigenaar van de grond had het perceel gekocht met kennis van dit beding en zette de huurovereenkomst voort. Na onteigening werd een schadeloosstelling vastgesteld voor zowel de eigenaar als de huurder.
De eigenaar vorderde betaling van de schadeloosstelling die de huurder had ontvangen, stellende dat het afstandsbeding hem verplichtte dit bedrag af te dragen. De rechtbank wees de vordering af, onder meer omdat het afstandsbeding in samenhang met andere bepalingen ongeldig was en de huurder recht had op schadeloosstelling voor pachtrechten. Het hof oordeelde voorshands dat het afstandsbeding vernietigbaar was en liet partijen zich hierover uitlaten, waarna de huurder dit nieuwe verweer in een laat stadium aanvoerde.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof ten onrechte dit nieuwe verweer heeft geaccepteerd, omdat het niet in het verlengde lag van de reeds gevoerde rechtsstrijd en geen uitzondering op de goede procesorde betrof. Tevens bevestigt de Hoge Raad dat het afstandsbeding vernietigbaar is op grond van strijd met redelijkheid en billijkheid, mede gelet op het EVRM en het Burgerlijk Wetboek. Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor verdere behandeling.
Uitkomst: Het arrest van het hof Arnhem wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor verdere behandeling.