ECLI:NL:HR:2011:BQ8127
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.C. van Oven
- F.B. Bakels
- C.E. Drion
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt schadeloosstelling bij vervroegde onteigening in 's-Gravenhage
In deze zaak ging het om het cassatieberoep van meerdere eisers tegen vonnissen van de rechtbank 's-Gravenhage betreffende de vervroegde onteigening van zeven onroerende zaken. De rechtbank had op 14 november 2007 de onteigening uitgesproken en op 3 maart 2010 uitspraak gedaan over de schadeloosstellingen. De vonnissen waren ingeschreven in de openbare registers.
De eisers stelden zich op het standpunt dat de schadeloosstelling niet correct was vastgesteld, maar de Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden. Daarbij overwoog de Hoge Raad dat gezien artikel 81 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering geen nadere motivering nodig was omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad verwierp het beroep in cassatie en veroordeelde de eisers in de kosten van het geding. Het arrest werd gewezen door de vice-president en vier raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 9 september 2011.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en eisers worden veroordeeld in de proceskosten.