ECLI:NL:HR:2011:BQ6083
Hoge Raad
- Cassatie
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.C. van Oven
- C.A. Streefkerk
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid adviseur voor naheffingen en fiscale boetes
In deze zaak stond de vraag centraal of een adviseur aansprakelijk kon worden gehouden voor naheffingen en fiscale boetes. Eiseres had beroep in cassatie ingesteld tegen eerdere arresten van het gerechtshof te 's-Gravenhage, waarin haar vorderingen waren afgewezen. De Hoge Raad verwijst naar eerdere vonnissen en arresten in de procedure en overweegt dat de aangevoerde klachten niet leiden tot cassatie.
De Hoge Raad stelt dat de klachten geen aanleiding geven tot beantwoording van rechtsvragen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. Daarom wordt het cassatieberoep verworpen zonder nadere motivering. Hiermee bevestigt de Hoge Raad de eerdere uitspraken van lagere instanties.
De uitspraak betreft de toepassing van artikel 81 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en de artikelen 7:400 en 6:74 van het Burgerlijk Wetboek, die betrekking hebben op de opdracht en aansprakelijkheid van adviseurs. De Hoge Raad veroordeelt eiseres in de kosten van het cassatiegeding, die nihil zijn vastgesteld aan de zijde van verweerster.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiseres wordt verworpen en zij wordt veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.