ECLI:NL:HR:2011:BQ6005
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep door Hoge Raad in strafzaak tegen verdachte
Op 5 juli 2011 heeft de Hoge Raad der Nederlanden het cassatieberoep van verdachte verworpen. Het beroep was ingesteld tegen een arrest van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 25 september 2009. Namens verdachte had mr. J.C. Oudijk een middel van cassatie voorgesteld, waarop de Advocaat-Generaal Vegter had geconcludeerd tot verwerping.
De raadsman van verdachte heeft schriftelijk op deze conclusie gereageerd. De Hoge Raad oordeelde dat het middel niet tot cassatie kan leiden en dat het geen nadere motivering behoeft, omdat het middel geen rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproept.
Het arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en H.A.G. Splinter-van Kan, en uitgesproken in aanwezigheid van de waarnemend griffier E. Schnetz. Hiermee is het cassatieberoep definitief verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte is verworpen door de Hoge Raad.